Berichten

Online participatie door client en diens netwerk

Participatie is een veelgebruikte term in de zorg, maar hoeveel cliënten ervaren in de dagelijkse gang van zaken werkelijk participatie? Dit geldt niet alleen voor cliënten maar ook voor de mensen in hun directe netwerk, denk aan mantelzorgers, ouders, kinderen, etc.

Binnen de programma’s (ECD) die professionals gebruiken om ondersteuningsplannen/zorgplannen op te stellen is het veelal niet mogelijk om de cliënt mee te laten doen. Ik kom veel professionals tegen die dat ook niet op prijs stellen. Het begeleiden/behandelen is hun domein en daar hoort de cliënt zich niet mee te bemoeien. Nu is dat volgens mij een houding die anno 2011 niet meer  lang stand kan houden.

Cliënten zijn steeds meer gewend om op allerlei gebied mee te doen in de maatschappij. Met de komst van internet wordt het ook steeds makkelijk om te participeren in bijvoorbeeld online communities, social media, etc.
Waarom komt het dan anno 2011 nog zoveel voor dat cliënten geen toegang hebben tot hun eigen dossier, of vinden we in de zorg dat het nog steeds het dossier van de professional is?

Gelukkig zien we allerlei initiatieven als Jeugdzorg 2.0 en VG 2.0 voorbij komen waarin meer eigen regie en participatie kernbegrippen zijn.

Om cliënten  toegang tot hun dossier te geven en zelf hun bevindingen vast te leggen heben wij MeXtra grondig aangepast. Cliënten en de mensen in hun netwerk kunnen nu als gebruiker in MeXtra worden toegevoegd. De zorgaanbieder kan vervolgens instellen wat deze gebruikers in het programma kunnen lezen maar ook waar ze zelf mogen schrijven.
Zo is het mogelijk om doelen aan een cliënt te koppelen zodat zij zelf op de voortgang van dat doel kunnen rapporteren.  Het verhoogt het commitment in de behandeling als mensen zelf mee kunnen en mogen doen.

Maar u kunt ook een map in het online dossier ontsluiten voor de cliënt zodat hij online documenten in kan zien, zoals bijvoorbeeld zijn zorgovereenkomst.
De mogelijkheden zijn legio, het is nu de tijd dat zorgaanbieders deze gaan zien en ze aan hun cliënten aan gaan bieden.

De techniek is er klaar voor, nu is de professional aan zet.

Vertrouwen – Passie – Doen!

Donderdag 23 juni 2011 was ik spreker op de 4e Reshape avond van het Reshape HealthCare Team. 12 sprekers gaven een Reshape Talk volgens het Pecha Kucha principe. Alle lezingen waren gebaseerd op TEDxMaastricht dat op 4 april werd georganiseerd. Het thema was Ideas Worth Doing.
Ik heb de 6.40 min. gebruikt om te vertellen over participatie langs 3 thema’s; Vertrouwen, Passie en Doen.

Vertrouwen

Simon Sinek was de eerste spreken op TEDxMaastricht en maakte direct een verpletterende indruk op mij. Zijn voorbeeld over een echtpaar dat een oppas voor hun kind zocht was een openbaring. Zij konden kiezen tussen een buurmeisje van 16 jaar dat geen enkele oppas ervaring had en een vrouw van 32 die enkele weken geleden in het dorp was komen wonen, zijn had al 10 jaar ervaring. Welke van de twee kandidaten werd door het echtpaar gekozen denkt u…….? Precies het 16 jarige buurmeisje. En dat doet vrijwel iedereen want onze kinderen zijn ons dierbaarste bezit en we willen dat daar iemand op past die we vertrouwen.

En waarom doen we dat in bedrijven en instellingen dan helemaal anders. Waarom ‘vertrouwen’ we daar vrijwel alleen op diploma’s en CV? Sinek zegt daarover: ‘Find people who believe what you believe’.

Ik denk dat als we wat vaker de keuze zouden maken binnen de zorg die dat echtpaar maakte dat we sneller komen tot wederzijds vertrouwen tussen zorgprofessionals onderling maar zeker ook tussen de professional en patiënt/cliënt. Op die manier kan Compassion for Care echt een plek krijgen binnen de Nederlandse gezondheidszorg.

Het tweede onderwerp van Simon Sinek dat ik in mijn Pecha Kucha de reveu liet passeren was ‘The Split’ .
The Split is het moment in de ontwikkeling van een bedrijf/instelling dat het WAT je doet toe neemt. Dus omzet, grootte etc. terwijl het WAAROM afneemt, dat is de passie, datgene waarom men ooit is begonnen dat bedrijf op te richten.

Ik heb een dergelijke Split zelf ervaren en de keuze gemaakt om me vooral te richten op WAAROM ik ooit met SymaX ben begonnen. Dat was om ICT hulpmiddelen te ontwikkelen speciaal voor degene die in het primaire zorgproces werkzaam zijn zodat ze betere zorg aan hun patiënten/cliënten kunnen geven. Tegenwoordig zijn het de cliënten zelf die ook van die hulpmiddelen gebruik kunnen maken.

Ik heb al het overbodige in het bedrijf weggedaan, geen auto, geen kantoor. Ik fiets nu elke dag, ga de met de trein en werk in co-work plek de Waarmakerij.

Het lijkt me goed als zorgaanbieders jaarlijks een moment serieus nadenken over hun Split en ook daadwerkelijk stappen zetten om dichtbij hun WHY te blijven. Om het nog concreter te maken vraag ik alle zorgprofessionals om het volgende agendapunt standaard als laatste  bij elke vergadering op te nemen: “Wat heeft de patiënt/cliënt aan deze vergadering gehad?”

Passie

Ragna van den Berg presenteerde op TEDxMaastricht een indrukwekkend verhaal. Het is met passie doordrenkt en getuigt van een enorm doorzettingsvermogen om als patiënt zelf richting geven aan haar eigen zorgproces. Ik heb haar ontmoet op 3 juni 2010 en een dag later kreeg ze de hersenbloeding.  Dat maakt dat ik me erg verbonden met haar voel en dat ik met meer dan gemiddelde interesse haar tweets en blogs lees.

Ik probeer mijn Passie vorm te geven in enkele mooie initiatieven, zoals VG 2.0 en Jeugdzorg 2.0.

Doen

Bas Bloem liet zien hoe je als arts op gelijke hoogte kunt komen met de patiënt in ‘From God to Guide’. Een inspirerende TedTalk waarin een parkinson patiënt een bijzondere rol vervuld.

Ik probeer op mijn manier patiënten/cliënten een stem te geven door in MeXtra de mogelijkheid aan te bieden dat ze zelf een inlogcode krijgen en daarmee kunnen participeren in hun eigen zorgproces.  Ze kunnen niet alleen de inhoud van hun zorgplan/ondersteuningsplan lezen maar zelf ook hun eigen voortgangsrapportage vastleggen. Patiënt/cliënten kunnen als actor in het zorgplan worden opgenomen zodat ze ook zelf verantwoordelijk gemaakt kunnen worden om alleen of samen met anderen te werken aan het realiseren van de doelen die gesteld zijn.

Op die manier delen cliënten en professionals beiden hun kennis in hetzelfde systeem.  Als je dan ook nog het directe netwerk van de cliënt laat participeren bouw je een enorm kennissysteem op dat door alle betrokkenen is opgesteld en benaderd kan worden. Patiënten hoeven dan niet telkens opnieuw hun verhaal te doen want dat hebben ze in MeXtra vastgelegd.

Er is echter meer nodig dan het leveren van een tool. De mindset binnen de zorg moet worden gewijzigd.

Changing the mindset

Ik ben ervan overtuigd dat we naar andere organisatievormen moeten binnen de zorg. Als we naar organisaties kunnen die gebaseerd zijn op Vakmanschap, Verbinding en Vertrouwen dan is er zoveel meer mogelijk. Talent krijgt de ruimte, Easycratie neemt de plaats in van bureaucratie en samenwerken en kennis delen worden begrippen die vanzelfsprekend zijn en een gezicht krijgen.

We kunnen dan een transitie bewerksteligen van “Wie de baas is mag het zeggen” naar “Wie het weet mag het zeggen”, en dat zou dus best weleens de patiënt/cliënt kunnen zijn.

Om dit voor elkaar te krijgen is er wel één minimale voorwaarde, en dat is dat we de patiënt/cliënt als volwaardig lid van het behandelteam gaan beschouwen. Het begrip ‘de patiënt staat centraal’ mag van mij naar de prullenbak. Het staat in de missie/visie van elke zorgaanbieder en wordt nergens echt gerealiseerd.  Dat komt omdat het een loze kreet is. De huidige patient wil meedenken en serieus genomen worden, laten we hen die mogelijkheid bieden.

Pas dan kan er sprake zijn van echte empowerment van patiënten.

‘Zeurende’ ouders

Ik ken het nog van de tijd dat ik leerling Z-verpleegkundige was.
Op zondagochtend had je enorm je best gedaan om de kinderen van je leefgroep te douchen (toen was dat nog heel normaal) en keurig aan te kleden. Even later kwamen dan de eerste ouders om hun kind voor die dag mee naar huis te nemen. Het merendeel van de ouders was natuurlijk dolgelukkig hun kroost te zien maar een enkeling had altijd iets te zeuren over dat de kleding niet netjes was gestreken of de haren niet goed gekamd.
En inderdaad dat werd toch vooral als zeuren ervaren.
Nu, vele jaren later, kan ik daar anders naar kijken.
Ik was net als mijn collega’s ergens begin twintig terwijl die ‘zeurende’ ouders een stuk ouder waren. Onze norm hoe je kind er op zondag uit hoort te zien verschilde bij ons dan ook totaal in vergelijking met die van de ouders. Hoe eenvoudig zou het geweest zijn om wat meer op te schuiven in de richting wat die ouder graag wilde zien.

Ik zie dergelijke patronen ook nu weer voorbij komen in mijn rol als innovator van zorg 2.0 concepten. Als voorbeeld neem ik een kindercentrum binnen een instelling voor Verstandelijk Gehandicaptenzorg. De begeleiders werken elke dag weer keihard om zo goed mogelijke zorg te kunnen bieden aan de kinderen die het centrum bezoeken. Dagelijks rapporteren zij over hun bevindingen en voorgang. Als ze dat gedaan hebben moeten ze ook nog snel in de schriftjes voor de ouders schrijven wat er die dag zoal heeft afgespeeld.
Het zijn de schriftjes die dagelijks heen en weer pendelen tussen huis en kindercentrum. Het schrijven van de schriftjes is vaak een sluitpost en door de tijdsdruk wordt het meestal als lastig ervaren. De ‘zeurende’ ouder komt daarmee opnieuw, geheel onterecht, in beeld.

Wie hebben er meer recht op een adequate informatie-uitwisseling dan ouders die vaak na een jarenlange worsteling hebben moeten besluiten hun kind voor enkele dagdelen per week naar een kindercentrum te brengen.

Ik moedig zorgaanbieders dan ook aan de informatie die ze vastleggen over dun cliënten te delen met de betrokkenen. De volgende stap is om de betrokkenen, cliënt en diens netwerk, de mogelijkheid te bieden om zelf vast te laten leggen waar ze mee bezig zijn en wat de voortgang is. De voortgangsrapportage is dan niet langer het domein van de professional maar een gedeelde bron van informatie. U maakt daarmee de cliënt daadwerkelijk lid van het behandelteam. Ik voorspel dat daarmee het commitment in begeleiding/behandeling gaat groeien en dat professionals informatie krijgen die nu voor hen onbereikbaar is. Zeurende ouders worden daardoor ook lid van het behandelteam en leveren een aandeel in de behandeling en begeleiding van hun kind.

Gun hen de plaats die ze verdienen.